De relatie tussen motivatie en punten op school: een tweesnijdend zwaard.

Duizenden leerlingen genieten van een welverdiende vakantie na hun examens, waarop de ene al betere punten behaalde dan de andere. In Vlaanderen, zoals in veel andere landen, vormen ‘punten’ op het rapport een voorname, zo niet de voornaamste vorm van feedback aan leerlingen (en ouders) over hun prestaties. Schoolse prestaties worden beïnvloed door de betrokkenheid van leerlingen. Dat is algemeen bekend en veelvuldig aangetoond in onderzoek. Leerlingen die hard werken en zich goed inzetten voor hun schoolse taken en lessen, behalen ook hogere punten. Minder bekend is het omgekeerde: hogere rapportcijfers voorspellen een hogere inzet. rapportDat werd onder meer vastgesteld in een Nederlandse studie van Astrid Poorthuis en haar collega’s (2015) in het eerste jaar van het secundair onderwijs: een hogere betrokkenheid van de leerlingen aan het begin van het eerste jaar secundair onderwijs leidde tot betere rapportcijfers aan het einde van het schooljaar. Omgekeerd bleek ook dat betere rapportcijfers aan het begin van het schooljaar meer betrokkenheid aan het einde van het schooljaar voorspelden (wanneer gecontroleerd werd voor inzet aan het begin van het schooljaar). Leerlingen die betere punten behaalden op hun eerste rapport in het secundair onderwijs gingen op het einde van dat schooljaar liever naar school en zetten zich ook meer in voor school. Het effect van punten op inzet werd verklaard door de emoties die de punten bij de leerlingen opriepen: hogere punten leidden tot sterkere positieve gevoelens (bijv. trots), wat op zijn beurt leidde tot liever naar school gaan en meer inzet, terwijl lagere punten leidden tot sterkere negatieve gevoelens (bijv. schaamte) en dat zorgde ervoor dat leerlingen minder graag naar school gingen.

Een mogelijke verklaring voor deze effecten vinden we in het feit dat leerlingen hun prestaties met elkaar vergelijken (Wouters et al., 2012). Wanneer leerlingen goede punten behalen in vergelijking met andere leerlingen, kunnen ze meer vertrouwen krijgen in hun schoolse kwaliteiten. Dat kan op zijn beurt leiden tot positieve emoties, liever naar school gaan en meer inzet. Wanneer leerlingen slechte punten behalen in vergelijking met andere leerlingen, kunnen ze aan zichzelf gaan twijfelen en minder graag naar school gaan. Ook de omgeving kan die emoties bekrachtigen. Zo reageren ouders doorgaans positief op goede punten, wat positieve gevoelens bij de leerling kan oproepen. Bij slechte punten zijn ze vaker teleurgesteld of boos, en dat kan gevoelens van schaamte en mislukking versterken.

Het effect van punten op betrokkenheid was in de studie van Poorthuis en collega’s sterker voor jongens dan voor meisjes. Dat is opvallend, omdat jongens in veel situaties net minder emotioneel reageren dan meisjes. Mogelijks maakt het competitieve element van punten hen meer gevoelig voor de positieve en negatieve effecten ervan. In elk geval noopt deze sterkere gevoeligheid tot bezorgdheid, omdat jongens als groep gemiddeld lagere punten behalen dan meisjes.

De studie van Poorthuis en collega’s suggereert dat lage rapportcijfers bij het begin van het secundair onderwijs kunnen leiden tot een vicieuze cirkel van demotivatie en slechte prestaties. Pleiten de onderzoekers dan voor het afschaffen van punten? Neen, dan zouden we ‘het kind met het badwater weggooien’: punten geven belangrijke feedback aan leerkrachten, leerlingen en hun ouders, en kunnen helpen om het onderwijs en het leren te verbeteren. En punten kunnen, zoals de studie toont, ook positieve effecten hebben op de betrokkenheid van leerlingen. Ze vormen als het ware een tweesnijdend zwaard.

Het is wel belangrijk dat leerkrachten en schoolteams zich bewust zijn van deze mogelijke negatieve neveneffecten van rapportcijfers, aldus de onderzoekers, en trachten om die zoveel als mogelijk te reduceren. Zo toonde eerder onderzoek dat negatieve effecten van punten verminderd kunnen worden wanneer leerkrachten lage cijfers voorstellen als tijdelijk, en de boodschap geven dat de prestaties kunnen verbeteren indien de leerling meer inzet gaat vertonen (Yeager & Walton, 2011). Dat onderstreept het belang van het contextualiseren van de cijfers, en om aanvullende kwalitatieve feedback te geven over wat de leerling kan verbeteren indien de punten (nog) niet goed zijn. Daarnaast kunnen leerkrachten vermijden om te sterk de nadruk te leggen op de prestatiegerichte component van het leren (leren om goede punten te behalen). Door rekening te houden met de interesses van leerlingen, hen aan te moedigen zelfstandig aan de slag te gaan met de leerstof, en zelf model te staan voor leergierigheid, met andere woorden door een autonomiebevorderende onderwijsstijl te hanteren, kunnen zij ook het plezier in het leren op zich trachten aan te wakkeren. Ook door het opbouwen van een goede relatie met de leerlingen kunnen leerkrachten de schoolse motivatie van adolescenten bevorderen, zo toonde een recente studie van Maaike Engels en collega’s. Het zou interessant zijn om verder te onderzoeken of een autonomiebevorderende onderwijsstijl en kwaliteitsvolle leerkracht-leerlingrelaties de negatieve effecten van punten op schoolse betrokkenheid kunnen verminderen.

Referenties

Engels, M., Colpin, H., Van Leeuwen, K., Bijttebier, P., Van Den Noortgate, W., Claes, S., Goossens, L., & Verschueren, K. (2016). Behavioral engagement, peer status, and teacher-student relationships in adolescence: A longitudinal study on reciprocal influences. Journal of Youth and Adolescence, 45, 1192-1207.

Poorthuis, A.M.G., Juvonen, J., Thomaes, S., Denissen, J.A., De Castro, B.O., & Van Aken, M.A.G. (2015). Do grades shape students’ school engagement? The psychological consequences of report card grades at the beginning of secondary school. Journal of Educational Psychology, 107, 842-854.

Wouters, S., De Fraine, B., Colpin, H., Van Damme, J., & Verschueren, K. (2012). The effect of track changes on the development of academic self-concept in high school: A dynamic test of the Big-Fish-Little-Pond Effect. Journal of Educational Psychology, 104, 793-805.

Yeager, D.S., & Walton, G.M. (2011). Social-psychological interventions in education. Review of Educational Research, 81, 267-301.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s